Wat als ik te weinig bieten lever?

 

Bij ISCAL is er een strikte link tussen het recht op een basiscontract en de participatie via de Coöperatieve Vennootschap Sopabe. Tegenover elke ton basisrecht staat een financiële participatie van 8,8 Euro.

Het basiscontract is ingedeeld in een contract A, goed voor 85 % van het recht, en een contract B, goed voor 15 % van het recht. Al de planters, dichtbij of veraf van de fabriek, hebben de mogelijkheid om het contract B niet te contracteren. De niet onderschreven contracten B worden dan toegewezen aan kandidaat-planters  in een straal van 50 km rond de fabriek en dit onder de vorm van een contract C, beperkt tot max. 20 % van het basiscontract A en B, vrij van participatiebijdrage én voor de duur van één jaar.

Planters die hun contract B niet aangaan, behouden hun rechten om dit contract in een volgende campagne opnieuw te onderschrijven.

Wat als er toch te weinig geleverd wordt?

 

Elke planter weet dat hij de bieten die hij contracteert effectief moet produceren en leveren. Op basis van de teruggestuurde uitzaai-intentie en de bespreking tijdens de zitdag met de landbouwkundige, worden er duidelijke afspraken gemaakt over de in te zaaien oppervlakte.

Houdt de planter zich aan deze oppervlakte, dan zal er bij overmacht of een tegenvallend rendement geen sanctie opgelegd worden.

Houdt hij er zich niet aan, dan kan de dynamiek ( = vermindering van het productierecht) van toepassing zijn. Deze wordt toegepast als er minder dan 85 % van het contract geleverd wordt.  Het gevolg is dat de basisreferentie wordt verminderd met het niet geleverde gedeelte onder 85 %.   

Als planters beslissen om niets uit te zaaien, dan vermindert de basisreferentie voor de volgende campagne met 33 %. Zo dit twee jaar na elkaar gebeurt, verliest de planter zijn volledige basisreferentie en kan hij geen contracten meer afsluiten.

Planters kunnen zelf hun basisrecht verminderen door hun participatie over te dragen aan een collega (aan de volledige waarde van 8,8 Euro/ton) of de terugbetaling ervan te vragen aan Sopabe, mits een inhouding per aandeel S (waarde = 1 Euro) van 25 % (opgebouwde reserve) en 2,5 % administratiekosten.

Een planter die beslist volledig te stoppen of zijn basisrecht verlaagt tot minder dan 300 ton kan pas na verloop van 5 jaar opnieuw terugkeren als vennoot of zijn basisrecht opnieuw optrekken. Planters die minimum 300 ton basisrecht behouden dienen een wachttijd van 3 jaar te respecteren alvorens het terug kan verhoogd worden.